Zie je nog wel door alle dingen heen,
De simpelheid en eenvoud van het leven,
Vergeet je niet zo af en toe,
Dat de mensen om je heen,
Bewegen zonder doel.
De meesten zijn misschien op zoek,
Een zoektocht naar wat nog niet het hunne is,
Naar iets puurs en ongeschonden,
Maar misschien ook slechts verzonnen,
Want tastbaar is het nooit geweest.
Vaak rijst er dan opnieuw een vraag,
Is dit alles wat ik heb?
Waar is dat ene waarover men door eeuwen heen,
Steeds weer met herhaling spreekt,
Het ding dat iedereen wel lijkt verloren.
Waar vindt men nu zonder te zoeken,
Hoe voel je een gevoel,
Dat je nooit eerder gewaar geworden bent,
Doch streeft naar het ontdekken,
Van de warmte van de liefde.
Antwoorden op zulke vragen,
Misschien verwacht, maar nooit gekregen,
Want welke moeite men ook doet,
Het is en blijft een sprookjesachtig iets,
Wat voor de meesten is verloren.