Schemering
'k handel zeer verdoken, laat me koppig nergens zien
op het kerkhof kom ik wel , maar 't liefste clandestien
ben ik door mijn houding eerder somber en bizar
of bijwijlen excentriek en zeker in de war
enkel in de schemering kan ik weer buitengaan
'k wandel dan de nacht in , denkend aan mijn voortbestaan
alles wat luguber lijkt of dreigend schimmig zwart
niets kan me nog raken, want de pijn zit in mijn hart