Een zakdoek gevuld met tranen
was de sleutel tot je verdriet.
Nooit gedacht dat je zo gevoelig was
of misschien wilde ik dat niet.
Samen met je tranen
verdween je in een duisternis.
Misschien wilde ik je wel terughalen,
maar was ik te egoïstisch.
Nu lig ik daar op jouw plaats,
omdat ik niet naar je wilde luisteren,
je niet kon helpen
of misschien niet wilde...
Nu lig ik daar weg te kwijnen.
En jij,
jij zweeft daarboven ergens...
op een wolk.