zijn hand ging hard tegen haar wang
haar hoofd ontmoete meermaals de deur
ze ging tegen de grond
ze schreeuwde dat hij van haar moest blijven
vluchtend naar haar kamer kwam ze een meisje tegen die gilde van paniek
gilde tegen de realiteit maar gilde tegelijk tegen haar angst
dit wil ze niet zien
dit wil ze niet horen
er bestaat geen gezin meer
alles wat overblijft is een gebroken gezin
ze rende stilletjes het huis uit terwijl het meisje stilletjes dieper in haar bed weg kroop
dit wil ze niet meemaken
ze wil niet de klik van de deur horen
de deur waar men wegvlucht
wegvlucht van onbesproken gevoelens,
herinneringen die littekens maken
dit wil ze niet meer meemaken
niet nog een keer...