De pionnen gingen het terrein verkennen,
Gingen van zwart naar wit, zonder te rennen.
De toren zette enkele stappen naar voor,
Ging er met enkele pionnen vandoor.
De loper zette koers naar jouw kant,
Wou weten wat dat is, liefdesland.
Het paard sprong over de vakjes heen,
Dacht “die koning is er niet zomaar één”.
Langzaam werd het schaakbord leeg,
De koningen keken elkaar aan, iedereen zweeg.
Vakje per vakje gingen ze op elkaar af,
Hun ogen zeiden niks, zeiden veel, stonden paf.
Remise was ’t resultaat van dit spelletje schaken,
Ze gaan nu samen op weg om er iets moois van te maken…