Het is in het midden van de nacht.
Tot het aanbreken, van de dag wacht.
Ik tast naar de lege plek naast mij.
Ben ik eigenlijk wel echt vrij.
Wat zou ik geven, om even naar je te kunnen reiken.
Maar de laat die gedachten voorbij strijken.
De tijd ver weg, dat we naast elkaar lagen.
De koude plaats,die overblijft, bijna niet te verdragen.
In de donkere nacht voel ik je nog strelen.
Weer even het gevoel van gelijk delen.
Mijn enige houvast, die me sterk en recht houd.
Het leven zonder warmte, is koud.
Kon ik maar even voelen.
En me weer door het geluk laten overspoelen.
De klok, die de seconden minuten en uren tikt.
Het gevoel laat vervagen, wegspoeld en verstikt.
Weldra blijft er niets meer.
Alleen de kou en pijn dat doet zeer.
Diane