Ik zit met een probleem. Ik weet niet wat er is maar er is iets mis. Ik voel me zo klein en nietig en o zo verdrietig. Ik wil wenen maar waarom weet ik niet, ik heb gewoon groot verdriet. Ik ben gewoon bang. Bang om wat komen zal. Ik ben zo onzeker want ik weet niet wat er nu is en wat er later komt. Maar het doet deugd om hier te zitten. Ik alleen. Eigenlijk niet alleen maar met mijn probleem. Mensen staren me aan en begrijpen me niet, ze stellen vragen zoals wat er is er mis maar het probleem is dat ik zelf niet weet wat er is. Ik heb angst. Angst voor mensen en angst voor het leven. Nu wil ik wenen, alles van mijn hart, m'n hart luchten maar de tranen komen niet. Ze willen niet komen. Zijn mijn tranen misschien op van al al
mijn verdriet? Oh, ik weet het niet... Eigenlijk voel ik me een heel klein dier, je kan me misschien momenteel vergelijken met een mier. Doelloos vooruit lopen. Angst, verdriet, onzeker en nietig. Ik net als de mier, klein en doelloos want ik heb geen doel voor ogen.