De geest vervaagt en kwijnt weg
Weg in het niets,
Weg in het verlies.
De stilte
veralgemeent, geen gesprek, geen communicatie meer.
Die éne lach waar je naar verlangt
komt niet weer.
Ze keert in zichzelf
en neemt je niet meer.
Het verlangen naar het verleden groeit weer.
Die goeie ouwe tijd,
Ze vervaagt,
Met spijt