soms wil ik vliegen,
of dat de mensen eens een gadje niet liegen.
Dan vlieg ik hoog in de lucht,
vertrek ik meteen in vogel vlucht.
dan kan ik even aan het leven ontsnappen,
er eventjes mee kappen.
Niemand die mij kan storen,
geen roddels of pijn die ik kan horen.
dan hebben ze me even niet nodig,
even ben ik overbodig.
maar het leven kan zo niet zijn,
het leven was het leven niet zonder de miserie en de pijn.