Ik ken z’n baard nog, soms met haartjes, soms met schuim.
Dan was hij kwaad, z’n hart heel klein maar pupillen zo ruim.
Maar dan blijven die zwarte gaten in je ogen groeien
tot er niets van je overblijft en één groot zwart gat je uit gaat roeien.
Ik zie hem nog steeds, ik ruik hem in zetels en voel zijn gezicht aan het mijne
enkel de stem bestaat uit de meest breekbare band,
vluchtig als gas, schor als zand,
het is die die het eerst zal verdwijnen.
Ik denk dat telkens er stemmen verdwijnen,
er nieuwe zangers verschijnen.
Waren stervende stemmen vroeger dan zoveel mooier?
Of zijn musici in de handen gevallen van een stemmenpooier?
”ga zitten” zei ze toen ze zichzelf in een oranje eistoel had gezet.
Nee, dank je, ik zit al 14 uur per dag, niet aan een bureau maar rechtop in m’n bed.
Het is moeilijk je er bij neer te leggen als je cognitieve liefde niet verstond
waarom littekens soms meer pijn doen dan de wond.
Ooit had ik twee benen stappend en lopend als een dief,
nu zweef ik op een lange rok met voetstappenmotief.
En elke winkel verlaat ik langzaam, wacht ik even aan de deurmat,
hopend dat één kassierster me terugroept omdat ik m’n benen vergat.
Ik aanbid hetgeen dat kleuren namen schonk,
wat zouden dichters anders schrijven als hun woord geen kleuren dronk
Zouden ze dan geloven in liefde of in spijt?
Fantasie is te hongerig als je in woorden bijt.