Een nieuwe morgen, nieuwe dag, alweer.
Een dag, een dag opnieuw zonder sfeer.
Ik voel me rot, alleen en verlaten.
Niemand die heeft het in de gaten.
Ik weet, het kan niet meer.
Dit leven, het doet zo'n zeer.
Wetend, dat ik verloren ga.
Dat ik in de hel of hemel kom, weldra.
Pak ik in mijn wanhoop, weer het mes.
En snijd ik de pijn weg en de stress.
Het bloed welt op uit mijn sneden.
Ik glij weg, heb geen besef meer van het heden.
Het is genoeg, het is te laat.
Ik ga, ik werd gehaat.