Angstig om me heen kijkend.
In de verte een zware stem horend.
Zegend: jij vermoord mij of ik jou.
Nog angstiger om me heen kijkend.
Niets te zien, de stem wordt duidelijker.
Opeens een mes zwaaiend door de lucht.
vlak daar achter een man.
Ik probeer weg te rennen,
maar ben verstijft van angst.
De man komt dichter bij,
plotesling rent hij weg.
En zecht: morgen ga ik of jij dood.
Nog eens om me heen kijkend gelukkig,
de man is verdwenen.
Eennent naar een veilige plek,
rennent naar huis.
Tranen rollend over mijn gezicht,
zijn laatste woorden dwalend door mijn hoofd.