Ik wil niet meer,
Alles het doet me zo’n zeer.
Ik wil dat alles voorbij is,
Dat alles gewoon sinds lange tijd van mij is.
Dat ik niet word bedrogen,
Afgestoten.
Dat ik geen mensen meer hoeft te missen,
Dat ik al het slecht uit m’n gedachte kan wissen.
Dat ik nooit meer hoef te huilen,
Nooit meer bij jou hoeft te schuilen.
Maar ik weet dat dit niet kan,
Voor de waarheid ben ik bang,
Mijn verleden is pijnlijk,
Het terug komen waarschijnlijk.
Het is de tijd waarin ik in mezelf sneed,
En helemaal geen pijn dat het deed.
Dat moest ik weer een maand met lange mouwen naar school.
En dan had ik daar nooit lol.
Mijn beste vriendinnen wisten wat er aan de hand was,
Maar zeiden er niks over in de klas.
Ik dacht niemand maakt zich zorgen,
Niemand die ik ellende zal bezorgen,
Maar nu weet ik dat het anders was,
Dat ze moest huilen toen ze m’n verhaal las.
Ze wist niet hoe ik me voelde,
Niet precies wat ik bedoelde.
Maar ze deed haar best,
Gelukkig vertelde ze niks aan de rest.
Ze zei; dat ik gewoon naar haar moest gaan,
Alles veranderde in een waan.
Ik sneed mezelf nog steeds,
Ik deed iets, ik vond mezelf een beest.
Nooit was ik echt eerlijk,
Snijden, dat was heerlijk.
Met een punterslijper mesje,
Zo leerde ik elke dag m’n lesje.
Het was mijn straf,
Want ik vond mezelf laf.
Ooit ga ik dood,
Dat heb ik mezelf beloofd.
Misschien pleeg ik morgen zelfmoord,
Of leef ik verder fort.
Sanne ©