Na alle woorden te hebben uitgesproken,
hopend van ze verlost te zijn,
zijn ze in de gedachten ondergedoken,
en veroveren daar eigen terrein.
Urenlang blijven ze daar rond dwalen,
net of er iets valt te winnen,
alsof er nog meer uit is te halen,
zodat ze ooit je hele ik kunnen innen.
Schreeuwen om ze te verjagen,
wanhopige pogingen ze uit te wissen,
alsof dit zal leiden tot de genadeslagen,
en zal verwijderen de gedenkenissen.
De zwakke plek hebben ze gevonden,
en dat is waar ze zullen verblijven,
gezien je ze zelf aan je hebt gebonden,
door ze ooit in je gedachten in te lijven.