je bent koud
hemeltergend bevroren
tenenkrullend lauw
antwoord je op mijn
ontdooidende woorden
ik veracht je
wil je nooit meer horen
al mijn warmte
gaat toch hopeloos verloren
als ik je weer zie
dan zwaai je een hittegolf
oorverdovend
mijn richting uit
je bent warm
hemeltergend gloeiend
tenenkrullend heet
omarm ik je
brandzalvende woorden
ik versmacht je
wil veel meer van je horen
al mijn zorgvuldig bewaarde woede
gaat hopeloos verloren
kon ik mij maar herinneren
hoe koud het voordien was
dan kon ik mijn hart isoleren
met een deken van onverschilligheid
tegen de volgende keer
het weer winter wordt