Ik ben ter wereld gekomen in
een doornrozig paradijs en
zonder geldig identiteitsbewijs.
Ik was 'n beteuterde kleuter die
steeds in z'n neusje peuterde.
Want m'n vader was altijd op
reis, z'n fortuin verbrassend
aan de casino's in Parijs
hopend op de hoofdprijs.
Maar toen hij die zomer met z'n
versleten strohoed thuiskwam
vertelde hij de strafste verhalen
over hoe hij de moed bijna opgaf
maar ook dat er altijd Iemand was
die het rechte pad aangaf........
En nu sta ik bij z'n graf en weet
dat Iemand hem z'n fouten vergaf.