ik heb beslag gelegd op je naam,
die ik schreef, maar niet meer,
die ik sprak, maar nooit nog,
het beschrijf van wie je bent,
heb ik ontnomen,
je houvast, je balustrade,
vier letters, teugels van je paard,
heb ik gevierd, en afgesneden,
de gevangen gezette verwoording van jou,
laat ons delen, wat mijn dood was,
als van een roos, zijn wij de bloemkroon,
nachtelijk omsloten,
slapend als een roos,
je naam, heb ik uitgewist,
zodat je verdwalen zou in je verhaal,
waar ik ben in opgelost,
en met je naam als reddingsboei,
laat ik jou zinken,
in jezelf,