Al moet ik bergen verhuizen
Al moet ik stenen vergruizen
Al moet ik de oceaan splitsen
Al moet ik een dolle stier ophitsen
Al moet ik kokend lood opdrinken
Al moet ik m'n gehele lijf laten verzinken
Al moet ik me levend laten verbranden
Al moet ik aanmeren aan godverlaten stranden
steeds zal ik er zijn voor jou
want er is niemand waar ik zo van hou
waar en wanneer en bij wie je ook bent
want er is niemand als ik die je zo goed kent