Amok Een gezellig café doch maak dat mee wie komt er voor de pinnen zomaar het café binnen een oude bekende waar hij veel ellende mee kende dat zag hij niet zitten maar de ander kon niet anders dan het tafeltje vlak ernaast te zitten alvorens gemoederen zouden verhitten ging hij beter direct heen doch te laat het kwam al tot een handgemeen als kemphanen vlogen ze tegen elkaar op het café stond direct op zijn kop beiden vlogen stantepede buiten alleen, eentje dwars door de ruiten buiten ging het nog wat verder tot die ene kwaad vroeg je weet waarom ik als eerste sloeg neen, sprak de andere verbaasd op zijn toer maar zal ’t vragen aan mijn tweelingbroer